Een groot evenement als Le Dakar is altijd onderhevig aan kritiek. Met name vanuit de ‘groene hoek’, die een dergelijk event maar al te graag naar de prullenbak verwenst.
Soms vergeet men wel eens te vermelden dat de deelnemers aan deze zwaarste rally ter wereld een prestatie leveren in psychisch en fysiek opzicht dat te vergelijken is met het deelnemen aan de Olympische Spelen. Althans dat zo ongeveer was de mening van Erica Terpstra toen zijn afgelopen jaar de deelnemers voor het eerst langs zag jassen in Portimao. De grond gedachte van de moderne Olympische Spelen werd door de grondlegger, baron De Goubertin, verwoord in de zinsnede: deelnemen is belangrijker dan winnen.
En deze gedachte treffen we nog in alle puurheid aan in Le Dakar. Voor het overgrote deel zijn de deelnemers geïnspireerd door het gebeuren op zich en zijn ze al winnaar wanneer ze de poorten van Dakar halen. In welke sport vind je zulks nog?
Daarnaast is de broederschap en hulpvaardigheid van de bovenste plank. Afgelopen dagen hebben we daar weer staaltjes van gezien. Frits Kiggen trok concurrent De Rooy weer vlot en enkele motorrijders werden op sleeptouw genomen uit de proef naar de finish. Om dan maar nog niet te spreken van alle onderdelen, die barmhartig worden afgestaan, waardoor de finish gehaald kan worden.
Toch blijft de organisatie een ongelijke strijd voeren tegen de criticasters. Maar zij is wel bereid verregaande maatregelen te treffen om minder positieve kritiek te ontlopen. Zo is er dit jaar bepaald dat de deelnemers zich strikt aan de maximale snelheid moeten houden.
Onze eigen Daniël liep daarmee al ter degen tegen de lamp, toen hij na de eerste dag te horen kreeg dat hij 11 (!) snelheidsovertredingen had binnen weten te halen. Nog bonter maakten Wouter Boonen en Jean Paul Hendriks het. Hun GPS werd uitgelezen en het bleek dat zij over een afstand van 15 kilometer gemiddeld 250 km (!) per uur hebben gereden. Nog bonter maakten onze Belgische vrienden het, want zij kregen niet minder dan 132 overtredingen aan hun broek, waarvan 36 met een gemiddelde van 250 km per uur.
En dan maar volhouden dat Le Dakar niet snel is!
Taxi gemist
Om op de juiste tijd aan de start te verschijnen is een voortdurend terugkerend ritueel. In Afrika is dat wat gemakkelijker dan in Europa. Daar immers slapen de deelnemers in een hotel. En het was Daniël, die in volledige outfit in alle vroegte gereed stond om met de taxi naar de start te vertrekken. Maar de ruimte, die een volledige outfit nu eenmaal inneemt is vele malen meer dat in het afgeslankte TvE jasje.
Met geen mogelijkheid paste de Lochemnaar er bij. Wanhopig keek hij om zich heen, maar er was geen taxi op dat tijdstip voorhanden.
Het mobieltje en Wouter boden uitkomst en onbesuisd werd Daniël in de Pajero naar de start ‘gevlogen’.
Ochtendstond heeft goud in de mond
Le Dakar kenmerkt zich door vermoeidheid, uitputten, lange dagen en korte nachten. Eergisteravond (8 januari) kwamen de zes kinders wat laat binnen en na een stevige maaltijd en de preparatie van het roadbook besloot een ieder vroeg onder de wol te gaan. Dat was nodig ook, want Mirjam wilde om 04.45 uur gewekt worden.
De slaapzakken van Kampeerwereld Hendriks hebben hun eerste test ruimschoots doorstaan, want toen het nog donker was werden de tenten langzaam met een ijslaagje bedekt.
De avond voor het slapen gaan werd afgesloten met het gezamenlijk drinken van een flesje Extran. Dat geeft nieuwe energie, maar is wel een halve liter in omvang. Voor het management was dat te merken, want die kreeg een onrustige nacht. In totaal werd het flesje Extran in vijf shifts aan de natuur teruggegeven.
Ook Mirjam lag op scherp, want om 04.00 uur kwam het molletje uit de slaapzak gekropen. Dat viel juist samen met de terugkeer van de vijfde shift van het management. Deze deelde de tijd mee, waarop Mirjam morrelend antwoordde: ”Dan kruip ik er nog weer even tussen”.

